Mina’s zijn klimplanten die in de zomer opvallen door hun bijzondere bloemen. Ze groeien snel omhoog langs hekken, pergola’s en muren. Veel tuiniers kennen ze nog niet goed, terwijl ze eigenlijk heel makkelijk te telen zijn. Wie eenmaal zo’n plant in de tuin heeft gehad, wil er daarna nooit meer zonder.
Wat de mina lobata zo bijzonder maakt
De bekendste soort is de Mina lobata, ook wel bekend als Ipomoea lobata of vuurbloem. De naam vuurbloem komt van de kleur van de knoppen. Die zijn bij het opengaan felrood, daarna verkleuren ze via oranje naar geel en ten slotte naar crèmewit. Op één bloeiwijze zitten bloemen in al deze kleuren tegelijk. Dat geeft de plant een warm en levendig uiterlijk, alsof er vlammetjes langs de stengels omhoog klimmen. De bloemen zijn klein en buisvormig. Ze groeien in rijen langs een boogvormige steel. De bladeren zijn diep ingesneden en geven de plant ook buiten de bloeitijd al een aantrekkelijk uiterlijk.
Zo zaai en kweek je deze klimplant
Zaaien kan al vroeg in het voorjaar, vanaf februari of maart, maar dan op een warme plek binnenshuis. De zaden kiemen het beste bij een temperatuur van rond de 20 graden. Sommige tuiniers weken de zaden eerst een nacht in lauwwarm water. Dat maakt de zaadschil zachter en helpt de kieming op gang. Na de ijsheiligen, dus na half mei, kan de plant naar buiten. De vuurbloem groeit het beste op een zonnige tot licht beschaduwde plek die wat beschutting biedt tegen harde wind. De grond mag goed doorlatend zijn. Geef de plant genoeg ruimte om omhoog te klimmen, want hij kan in één seizoen wel twee tot drie meter hoog worden. Regelmatig water geven helpt de groei, maar te veel water in de pot is niet goed.
De plek van mina’s in de tuingeschiedenis
De plant komt oorspronkelijk uit Mexico en Midden-Amerika. Daar groeit hij van nature langs bosranden en in open gebieden waar hij omhoog kan klauteren via andere planten. In Europa raakte de vuurbloem bekend als sierplant aan het einde van de negentiende eeuw. Ze werd populair in Victoriaanse tuinen, waar klimplanten met kleurrijke bloemen erg in trek waren. De naam Mina lobata werd lange tijd gebruikt als officiële botanische naam. Tegenwoordig valt de plant officieel onder het geslacht Ipomoea, dat ook de welbekende winde en de bataat omvat. In de volksmond blijft de naam mina of vuurbloem gewoon in gebruik, omdat die namen zo treffend zijn.
Combinaties en gebruik in de tuin
De vuurbloem past goed bij andere zomerbloeiende klimplanten, zoals de Japanse hop of de sierpompoen. De kleurenreeks van rood naar geel sluit mooi aan bij warme tinten in de tuin, zoals die van zonnebloemen, tagetes of oranje dahlia’s. Wie een meer gedempte tuin heeft met veel groen en wit, kan de plant ook prima gebruiken als kleuraccent. Hij trekt vlinders en bijen aan, wat extra leven in de tuin brengt. Na de bloeitijd kunnen de zaden worden bewaard voor het volgende seizoen. Laat daarvoor een paar bloemen aan de plant zitten tot ze volledig rijp en droog zijn. Bewaar de zaden op een droge en koele plek. Zo kun je elk jaar weer genieten van deze opvallende klimmer zonder nieuwe zaden te hoeven kopen.
Veelgestelde vragen over mina’s
Is de mina lobata een vaste plant of een eenjarige?
De mina lobata is een eenjarige klimplant in Nederland. In haar thuisland Mexico is ze eigenlijk een vaste plant, maar onze winters zijn te koud. Elk jaar opnieuw zaaien is de gebruikelijke manier om haar te telen.
Hoe hoog kan een mina lobata worden?
Een mina lobata kan in één groeiseizoen twee tot drie meter hoog worden. Bij veel warmte en genoeg water groeit hij soms nog iets hoger. Zorg daarom voor een stevig klimrek of andere stevige steun.
Wanneer bloeit de vuurbloem?
De vuurbloem bloeit meestal van juli tot aan de eerste nachtvorst in het najaar. Hoe eerder je zaait en hoe zonniger de plek, hoe langer de bloeitijd.
Zijn de zaden van de mina lobata giftig?
De zaden van de mina lobata bevatten stoffen die giftig zijn als je ze eet. Houd ze daarom buiten het bereik van kleine kinderen en huisdieren. Voor het bewaren en zaaien van de zaden hoef je je geen zorgen te maken.

